
Heyhey allemaal,
Volgens mij is het alweer eventjes geleden dat ik jullie onderdompelde (en misschien wel haast verdronk) in mijn wellicht iets te mythologische en fenomenologische (kort door de bocht: filosofische stroming gefocust op de ervaring) gebrabbel, maar “ready or not, here I come”, en als ik mij niet vergis, zijn we zelfs al in het nieuwe jaar aanbeland toch…toch? (no worries verder, ik zal niet alles van de afgelopen vier maanden tot in detail beschrijven, haha). Het is soms moeilijk te zeggen wat Kronos’ invloed is hier heerlijk omringd door de uitgestrekte, diverse en rustgevende natuur (jeej), als een Elysium waar je dag in dag uit verbaasd (stil (kan)) staa(t)(n) door de schoonheid en tijdloosheid die het te bieden heeft , ver weg verwijderd van vuurwerk en resoluties en de alsmaar haastiger-wordende mens in de steeds vluchtiger-aanvoelende tijd (Ochitsuke (rustig) Leon wat betreft de maatschappijkritiek…sorry, de verkiezingen brengen de meer activistische, vrijwel altijd aanwezige idealistische filosoof in mij nog wat meer naar boven, haha).
Anders gezegd, Nature en Nurture lijken hier in ieder geval meer in balans te (kunnen) zijn, al moet ik ook toegeven dat Moeder Natuur het spoor ook een beetje bijster lijkt te zijn nu zij haar default-modus per ongeluk lijkt te hebben ingesteld op een aaneengesloten koude versie van de herfst, en dan bedoel ik niet de volmondige herfst waarbij Carpo (de godin van de herfst (dankie Wietske:))) zichzelf in al haar naakte gloriën en gracieuze, kleurrijke ornaten (hmmm, waarom bestaat het meervoud van ornaat niet?) laat zien, maar vooral de “alomaanwezigheid” van regen en kou, haha. Hoe vaak wij wel niet (haha, wel niet(a)) precies één wolkje of wolkenpartij of kaarsrechte streep van wolken over Burgh-Haamstede voorbij hebben zien komen, terwijl de Anemoi (weet je nog, de windgoden) de rest van de wolken netjes om Nederland heen manoeuvreerden, haha, en erger nog, hoe de thermometer binnenin onze stacaravan heel vaak richting enkele tienden van het nulpunt kroop en het opstaan in de ochtend zeer geregeld een klein beetje uitdagender maakte(a).
Ach ja, dat (soort van) Spartaanse ochtendritueel was denk ik ook gewoon heel hard nodig om ons mentaal en fysiek voor te bereiden op alle werkzaamheden die ons gedurende de koude en natte dagen te wachten stonden, beginnende met de natuurlijk bijna niet meer weg te denken aanhoudende Sisyfusarbeid (wat betreft de isolatie verplaatsen kwam het eindpunt in zicht nu de overtollige isolatie (gelukkig vrij snel) verkocht was, jeeej, maar wees niet getreurd er blijft nog altijd genoeg te verplaatsen en te heen en weren, haha), maar daarnaast in december en januari vooral ook een geheel nieuwe vorm van haast slaafse arbeid, namelijk het volledig aanleggen van de ondergrondse infrastructuur op de kavel, wat normaliter al best wel veel graafwerk is, maar extra interessant is wanneer je met je eigen spierkracht tientallen meters lang een halve meter diep spoor door een al aangetrilde bouwweg of kleilaag moet graven die ook nog eens semi-bevroren is (pfffff, ik begin haast medelijden te krijgen met de “Twaalf Werken uitvoerende Herakles…”). Gelukkig had de vooruitziende Leon van het verleden al in mei van het vorige jaar pikhouwelen aangeschaft, haha (soms doe je van die dingen die op dat moment overbodig lijken, maar ergens opeens op zijn plek lijken te vallen), en kon (vooral) de kinderbescherming daarmee op gepaste afstand worden gehouden (sorry en dankjewel Ray voor het helpen bij al de zware werkzaamheden en het weinige comfort dat wij te bieden hadden).
Omdat het vervangen van het dak van de bouwschuur vanwege de cumulatie van weersomstandigheden verder een stuk langer duurde dan verwacht, stond onze december en het begin van januari vooral in het teken van het oriënteren, bestellen en ophalen van nieuwe benodigde materialen, het uitdenken van kleine wijzigingen waar we in de praktijk zo nu en dan tegenaan liepen (extra props ook naar Ray voor het herontwerpen en maken van onze (nu wel passende) dakkachelbevestigingsbeugels), een enkele klus aan mijn trailer (zoals het monteren van de lucht-toevoerroosters – zoals je ziet (met behulp van wellicht een beetje inlevingsvermogen) ook in “ideale” werkomstandigheden, haha) en uiteindelijk weer het verhuizen van deze keer onze beide huisjes – die van mij weer naar de bouwschuur om verder aan te klussen en die van Pat naar een veilige, warme caravanstalling een paar honderd meter verderop. Vooral dit laatste was een enorme opluchting toen het eindelijk voor elkaar was en Patricks trailer het weer niet meer hoefde te trotseren – een mega dankjewel wederom aan alle omwonenden die hebben meegeholpen, evenals aan alle blije en grappige Ghibli/Shinto-achtige-gezichtjes die steeds vaker lijken op te duiken (jullie zien die ook toch? Of begin ik na driekwartjaar in Burgh-Haamstede steeds meer te hallucineren en duiken er steeds meer soort van “Wilsons” (Quote: “WILSONNN!”) op om mij heen?).
Blablabla, lalala, na het verhuizen van de huisjes kon er vervolgens, mede weer met hier en daar en zo nu en dan de hulp van vooral Ray (en een verdwaalde Bou, haha) (al was het soms vooral om dingen vast te houden terwijl Pat en ik aan het nadenken en puzzelen waren of gewoonweg om ditmaal niet de binnenkant van de vloer maar binnenin het dak te stofzuigen, haha. Je vraagt je misschien af waarom we dat doen? Nou, naast dat we een kleine, lichte schoonmaaktik hebben, doen we dit in dit geval vooral om de potentieel brandbare materialen weg te halen en ons streven naar “brandschoon-heid” en controle over het vuur, geheel in lijn met onze grote vriend Prometheus (diegene die het vuur van de goden stal en aan de mensen gaf), in eigen handen te houden), in ieder geval weer lekker doorgewerkt worden. Een extra absurdistisch/ironisch moment hierbij was dat Pat de laatste (brandwerende) isolatie (van Rockwool) aan mijn buitenschil aan het toevoegen was (we willen natuurlijk niet dat de kachelpijp kou hoeft te lijden hè, haha) en het besef binnenkwam dat zijn huisje nu wel warm en droog binnen stond en mijn huisje aangenaam ingepakt was, maar hijzelf nog tot voorbij medio februari in de tent verbleef (waarvan de rits regelmatig was vastgevroren…(a)). Pas tegen het einde van februari wilden mijn ouders eindelijk “uit huis” gaan (ze blijven ook zo lang plakken soms, maar nee vooral omdat toen het veel comfortabelere bijgebouw in ver genoege staat was om in te gaan wonen) en kon Pat de tent uit en ook de stacaravan in komen (wat zoals eerder ook al omschreven was, niet altijd een pretje was/is. Maar nu hoeft hij in ieder geval niet door de regen en kou naar buiten voordat hij naar het toilet kan gaan en kan hij gewoon rechtop staan om zich aan te kleden, haha)…en kon er met de herboren energie die deze verschillende woon-upgrades en huisjes-verplaatsingen voor eenieder met zich meebrachten, weer in een meer vol te houden tempo en met een rustigere gemoedstoestand verder gewerkt worden aan mijn buitenschil.
Ik zal jullie alle werkstapjes en bloed, zweet en tranen besparen, maar deze laatste periode van ongeveer anderhalve maand spendeerde ik doordeweeks veelal in een solitaire “samenstelling” (zij het wel vergezeld door een vrolijk zingend koppeltje Merels dat ook hard bezig was met het bouwen van hun nestje ergens hoog in de bouwschuur), met aan de ene kant voornamelijk het treffen van voorbereidingen voor het komende klusweekend en aan de andere kant het zetten van de puntjes op de i wat betreft de werkzaamheden van de afgelopen weekenden (ik heb dit eerder al gezegd, maar ik durfde in deze hernieuwde omstandigheden al helemaal geen mensen meer op eigen initiatief te vragen om te komen helpen, wat ongetwijfeld voor de nieuwsgierige omstander leidde tot een schouwspel van een haast schizofrene Leon die dingen aan zichzelf aan het aangeven was en zo nu en dan tegen zichzelf aan het praten was, haha), zodat er in de weekenden dan weer écht gezamenlijk en zo nu en dan tot ver in het donker grote stappen gezet konden worden met de werkzaamheden waar meerdere sets handjes voor nodig waren.
De ene keer gebeurde dit vooral onder de trailer (en ja, het zijn crisistijden, dus een stukje karton in plaats van het prins(essen)achtige met kussentjes bedekte rolkarretje, haha), de andere keer juist weer bovenop de trailer om de kachelpijp af te dichten (wederom met hittebestendige Fermitkit) en het horizontale regelwerk van het dak te plaatsen, maar ook om onder andere duivenpoep en bouwgruis te verwijderen (ik ben nog geen duivennestje in aanbouw tegengekomen (überhaupt ben ik nog nooit in mijn leven een duivennestje tegengekomen), maar mocht ik die tegenkomen, dan “return ik the favour” met alle plezier, haha) en zodoende net op tijd voor de alsmaar uitgestelde en opeens vervroegde deadline (het uitgraven van de fundering van het huis van onze ouders werd plots vervroegd, waardoor mijn huisje eerder verplaatst moest worden dan verwacht, anders had het voorlopig niet meer op de kavel gezet kunnen worden), oké op een enkel dingentje na, de buitenschil van mijn tiny huisje klaar te hebben. Vooral alle onderdelen die bij het dak kwamen kijken (denk aan de gootslabben, nokstukken, dakgootbeugels, windveren en dergelijke) vergden nog veel denk- en op maat-maak-werk, met in het bijzonder het buigen van de dakgootbeugels en het knippen en vouwen van de staalplaten, maar de druk deed ons heel snel keuzes maken, wat gelukkig elke keer goed uitpakte, hihi – een beetje stress leidt soms tot bijzonder veel progressie in een korte tijd.
Ik ben benieuwd wat jullie ervan vinden, maar mijn eigen eerste indrukken zijn vooral dat de uitstraling uiteindelijk iets industriëler is geworden dan eerst verwacht, maar zowel het B-kwaliteit thermisch gemodificeerde Fraké-hout van Platowood (wat wij bij Gewoon Hout Dordrecht (echt een hele toffe en vriendelijke plek) hebben gehaald en overigens echt super lekker ruikt) als het met een magnesium/zink/aluminium (lees: magnelis) gecoate staal van Precit (waar alle dakbenodigdheden verder ook van zijn) hebben een enorm hoge duurzaamheidsklasse en zijn gelukkig zo speels mooi onderhevig aan diverse lichtinvloeden (deze soort van “Komorebi” (het effect van licht dat door de bladeren heen valt) is precies wat ik wilde bewerkstelligen met de materialen) dat ik in ieder geval reuzeblij ben met het resultaat, jeeej (tussen alle kieren van het hout en het plaatwerk hebben wij trouwens insectengaas geplaatst en Rubberseal van Bison/Griffon en/of Extoseal van Pro Clima gebruikt om zo hopelijk zo veel mogelijk ongewenste diertjes buiten de gehele schil te houden – spinnen zijn altijd welkom natuurlijk, haha).
En als je verder goed kijkt, dan is, geheel in lijn met de huidige tijd van het jaar, de thematiek van Pasen zelfs (zij het onbedoeld, haha) doorgetrokken in de kopse kant (die met het kleinste raampje) van mijn huisje en toont zich maar op een enkele plek een kleine zichtbare afwijking in de afwerking. Ach ja, speciaal (en extra speciaal voor alle neigend naar OCD’ers onder ons, hihi) hierbij dan ook één foto (hint: die met het op-één-na kleinste raam) met een klein voorbeeld van het door mij zeer geliefde Japanse gedachtegoed “Wabi-sabi” (kort door de bocht: de schoonheidsleer van het imperfecte).
Oké, ik merk dat ik, gezien de overgangen van stukje naar stukje ietwat abrupter en chaotischer aan het worden zijn, alweer veel te veel aan het typen ben, dus hierbij nog enkel wat losse zinnen: Op de kavel is het nu écht een chaos, dus wordt het eerst puzzelen en nadenken hoe we verder gaan met het bouwen aan mijn huisje (en voor diegene die onze huisjes groot vonden, vergelijk het maar met het uitgegraven deel van het nog te bouwen huis van onze ouders), terwijl een paar honderd meter verderop Pats huisje alweer volledig klaar staat in de bouwschuur (het lijkt hier alsof we per ongeluk in een Delorean zijn gestapt en het voelt dan ook gek om die foto van Pats huisje zo hier tussen te zien staan – alsof je gedroomd hebt dat je al die werkzaamheden hebt uitgevoerd om vervolgens wakker te worden in de werkelijkheid en beseft dat je alleen maar hebt geslapen, haha(a)).
Maar jullie hebben nu gelukkig een beetje gezien hoe het moet, dus Pats huisje kunnen we wel overlaten aan jullie, toch? Haha, voor nu weer dankjewel voor het er zijn en alsnog een fijn 2023 gewenst. Liefs en byebye:)









































