
Heyhey allemaal,
Het heeft wat langer geduurd dan de vorigere (ja, dat is de volledig legitieme overtreffende meervoudsvorm van vorige…oohw gosh…dit belooft veel goeds voor het vervolg van deze update) keren, maar met de (ongeveer – ik weet niet wanneer het schrijven deze keer tot een einde komt) start van de meteorologische wintertijd, hierbij toch weer en deze keer een extra warm hart toedragende liefdevolle update vanuit (bijna – want met dit weer ietsjes verderop op het strand of in de zee zitten schrijven vinden zowel mijn lichamelijke ik als mijn mentale zelf niet zo fijn) het zuidwestelijkste puntje van Schouwen-Duivenland. En in lijn met de kortere dagen vandaag de dag zal ik het deze keer écht trachten (vooruitziende Leon interrumpeert: “ach, wie houd ik nog voor de gek?”) beknopter te houden. Let’se go.
Deze afgelopen twee maanden zagen wij met het haastig huiswaarts keren van Demeter (oogstgodin) het turbulente (de eerdere enorme droogte van de zomer opgevolgd door record brekende heftige regenstormen van de herfst) oogstseizoen abrupt tot een einde komen. En gepaard gaande met Demeters vertrek verscheen Selene (maangodin) juist meer en meer aan ons en voelden wij daarmee dag-in dag-uit de enkel voor de oogst noodzakelijke kracht van Helios’ warmte razendsnel afnemen. Tsja, het was, is en blijft koud hier in de stacaravan. Zelfs Hestia (huis & haardgodin) lijkt niet zo veel te kunnen doen aan de leefbaarheid van onze tot vandaag de dag soort van “huiselijke” barak, waar wij in de afgelopen weken regelmatig opstonden met een temperatuur van 5 graden binnenin de stacaravan…(en voor de oplettende bezorgde lezer: ja, Pat slaapt nog steeds in de tent in de “achtertuin”…). Die kou zorgt er overigens ook voor dat er enorm veel vocht in de stacaravan achterblijft, waardoor het nu zelfs niet meer lukt om onze was nog enigszins droog te krijgen, haha… Ach ja, dit is vast een wijze les van de weersgoden om ons nog een beetje extra inzicht te geven in de noodzaak van goede isolatie en het belang van adequate ventilatiemogelijkheden, denk ik dan maar (en nee, de kieren in de stacaravan vallen niet onder de noemer “adequaat”). We snappen nu onderhand wel heel goed waarom dit soort woningen zomerhuisjes worden genoemd.
Gelukkig brengt deze tijd ook altijd heel veel moois. Zo verdwijnt enerzijds het overgrote deel van de toeristen plots en keert de rust weer volledig terug in dit kleine dorp (fun-fact: ons is verteld dat ongeveer 75 procent van de huisjes hier vakantiehuisjes zijn…moet je nagaan hoeveel minder mensen hier dan ook rondlopen nu, jeeej) en de omliggende natuurgebieden, terwijl aan de andere kant de paddenstoel-metropoli juist als…tsja, paddenstoelen…uit de grond weten te schieten en in combinatie met de aanhoudende regens van dwarrelende bladeren de normaliter grauwe verharde paden rijkelijk weten te kleuren – zomaar enkele van die dingen waardoor de herfst toch zeker hoog in mijn top vier van mooiste seizoenen staat. Hoe tof zou het trouwens zijn als je zo snel paddenstoelen kon groeien om in te wonen, dan zou het huizenprobleem binnen no-time door Gaia (moeder aarde) en haar leger van Nymphai (natuurgeesten) opgelost zijn, en dan ook nog eens een paddenstoel met wielen eronder (wat overigens de ultieme Mario-Kart cheat zou zijn), zodat je kan gaan en staan waar en wanneer je maar wilt…if only dreams could come true… Oké, ik dwaal nog vóór en bij de eerste foto al weer helemaal af…(focus Leon, je kan dit).
Dus…waar waren we de vorige keer gebleven…?
Oohwja, we hadden net de energie slurpende maand september achter de rug. En hoewel oktober echt wel haar best deed om ons op te vrolijken en te verwarmen met een met zonnestralen overgoten eerste ochtend, openbaarde dat zonnige bij aankomst op de kavel ook direct op de eerste dag van de maand al de ravage die zich in de nacht daarvoor had afgespeeld… De tent (waar een groot deel van ons materiaal lag opgeslagen) was een paar meter verschoven en had een aanzienlijk deel van onze buitenisolatieplaten beschadigd. Ach ja, het is wat het is en dat komt vast ook wel weer goed, want er zal met het op maat zagen van die platen, sowieso hier en daar zaagverlies zijn. Het wordt alleen weer wat meer puzzelen straks met de voorbereiding op de montage. Gelukkig houden we van puzzelen, haha(a).
En terwijl we eigenlijk van plan waren om oktober te beginnen met een goede bouwspurt bij beide huisjes tegelijk werden we eerst weer even gedwongen om de Sisyfusarbeid van september te hervatten (het is niet dat we die materialen niet een week hiervoor juist die kant op hadden bewogen…)…en leek het er al snel op dat, met het binnen no time tot de nok toe omtoveren van Patricks huisje tot een opslagplaats, die verwachte voortgang weer even wat langer op zich moest laten wachten… Ach ja, “you win some, you lose some” (al weet ik niet echt wat het gewin hiervan was(a)).
Gelukkig volgde in diezelfde week nog een positieve wending en mogen we (omdat zij ons leed en onze struggle op de kavel waarschijnlijk niet meer konden aanzien) gebruik maken van de schuur van de ouders van onze nieuwe buren hier, die op enkele honderden meters loopafstand van de kavel en het kantoor ligt, jeej familie Bakker! Oké, de schuur heeft verder geen deur (dus kan ook niet op slot), het dak is beschadigd en hier en daar lekjes door de storm van afgelopen voorjaar (dus dat moeten we nog steeds in de gaten houden) en zal in december moeten worden vervangen (dus dan moeten we er ook weer uit zijn) en zodoende is het er dus ook gewoon koud en ondanks de open “deur” en gaten in het dak best wel snel donker, haha, en kan er echter maar één huisje tegelijkertijd in die schuur staan, maar èh, het is als nog beter dan buiten staan en klussen. Al betekent dit aan de ene kant overigens ook dat dit de eerste keer is dat onze huisjes langdurig(er) van elkaar verwijderd zullen zijn en dat zij daarmee ook niet tegelijkertijd zullen worden opgebouwd, maar aan de andere kant brengt deze wending met zich mee dat het zeil er weer af kan bij (in dit geval) mijn huisje en er ongeacht wat voor weer het is er met een groep of zelfs weer alleen fijn doorgewerkt kon worden.
Al snel volgde er dan ook weer wat rust, omdat mijn huisje nu in een soort van waterdichte schuur stond en er weer op een wat normaler tempo en met wat minder stressvolle momenten verder geklust kon worden. Tsja, na dergelijke hectiek voelde zelfs het liggen op een klein beklemmend zoldertje met een harde ondervloer en een houten deken zonder de bescherming van een dak als een verademing, haha. We hadden hier allemaal ergens stiekem gedacht en gehoopt dat we met het gehele project al een stukje verder zouden zijn en hebben mede daardoor een hoop sociale dingen keer op keer afgeketst of uitgesteld. Maar gelukkig is het in ieder geval mij deze twee maanden (ja, wel op herhaaldelijk aangeven en het blijven doen van voorstellen door dierbare vrienden, dankjewel daarvoor) gelukt om af en toe weer even afstand te kunnen nemen van het geheel (en dat deze keer zonder trillende handen te krijgen of met mijn hoofd alleen maar hier in Zeeland te zijn – de normaliter voor mij basale balans keert mede door de hulp van mijn dierbaren weer een beetje bij mij terug, jeej en arigatou).
Maar wanneer ik niet op afstand was, werd er (met zo nu en dan hulp van ons broertje, papa en mama en enkele vrienden – ik durf met de lagere temperaturen en het wispelturige weer en daarmee gepaard gaande discomfort bijna niemand meer te vragen) natuurlijk hard doorgewerkt om nog vóór de volgende deadline (die deze keer op 27 november stond) weer enorme stappen te hebben gemaakt.
Allereerst hebben wij dan ook de beide huisjes (nog voor het compleet verplaatsen en veiligstellen van alle materialen) kunnen voorzien van de spanten (zelf zijn we onder andere heel erg tevreden met de kruisverbinding en de daarbij horende draadstaal/moeren-combinatie dat in de kruisverbinding zit) en hebben wij de schoorsteenbalkjes kunnen plaatsen, waarmee wij nu (voorlopig) alle constructieve balken (in totaal (voor beide huisjes dus) 346 balken) verwerkt hebben, jeej. Daarnaast konden we bij mijn huisje eindelijk aan de slag met alle plafondplaten, wat hier en daar een enorm gepuzzel was, zeker rondom de spanten.
Maar wat gaf dit, met het afronden van het plaatsen van deze platen, direct al een enorm huiselijke sfeer – ik kan niet wachten om met het interieur aan de slag te gaan, maar dat zal nog steeds op zich moeten laten wachten, want er was en is nog genoeg te doen aan het exterieur natuurlijk. En niet geheel onbelangrijk hierbij was natuurlijk ook het plaatsen van de brandwerende kachelpijp-plaat (van Promatect die we met hittebestendige kit van Fermit bewerkte – die kit ruikt overigens naar drop, haha, niet aan likken Leon…(a)) – want zonder die doorvoer wordt het natuurlijk heel lastig voor Sinterklaas en de Kerstman om cadeautjes te brengen (de échte deadline, dat snappen jullie natuurlijk wel, was dan ook 5 december, hihi).
Met de plafondplaten stevig op hun plek, was ik (na mijn afd(w)aling in de Tartarus van juli en augustus) wederom de “gelukkige” en mocht ik deze keer opstijgen naar de Olympos om alles op het dak af te dichten (wederom met de Pro Clima Aerosana Visconn Fibre) en te vullen met binnenisolatie (Thermoflex van Gutex en een beetje Isolena schapenwol hier en daar). Ik weet overigens niet hoe Amerigo en Rudolph dit zo elegant doen (doen ze dit überhaupt elegant?), want ik moest echt al mijn katachtige houdingen en meest kleine spierkrachtinspanningen inzetten om enigszins, aachuuhm, “verantwoord” over het dak te manoeuvreren. Gelukkig scheen hier de zon nog wel regelmatig naar binnen (niet altijd is het iets negatiefs als het dak lek is) en kon ik mij prima op mijn sokken voortbewegen zonder het al te koud te hebben. Nu zorgden de warmte van de zon bovenop de binnenisolatie in combinatie met mijn wollen sokken en de (in)spanning (zeker als mijn compagnons het huisje ietsjes lieten schudden, haha) van het op het dak manoeuvreren zo nu en dan wel voor peentjes zwetende voetjes, wat op den duur weer leidde tot ietwat gladdere balken en nog meer (in)spanning (enfin, je snapt de vicieuze cirkel hier, haha). Ach ja, tot nu toe ben ik geen één keer (volledig) naar beneden gevallen, wat zeker fijn is, al resulteerde het goed blijven gaan er wel in dat niemand anders zich geroepen voelde om deze “taakjes” van mij over te nemen. Dus ook bij het aanbrengen van de buitenisolatie (Multitherm van Gutex) hupte ik, deze keer in kikkerhouding en met de schroefmachine in de hand, over de nok van het dak (wat is één van de basisregels van klimmen ook alweer: altijd zorgen dat je op drie plekken goede ondersteuning hebt? Drie Leon…), terwijl mijn broeders mij vanaf de rolsteiger allereerst ondersteuning konden geven en als hoofdreden hun favoriete broer(tje), mocht het mis gaan, natuurlijk zouden opvangen (toch, jongens…jongens…?). Aan de buitenisolatieplaten heeft het in ieder geval niet gelegen (overigens ook niet aan mijn broers hoor), die juichten mij gedurende het gehele proces met onvermoeide armen en volle overgave toe, haha.
Het dak gaf ons vervolgens een goed referentiekader om hetzelfde riedeltje toe te passen op de gevels. Bijkomstigheid hier was echter wel dat er met de hoogste precisie ook doorvoerbuizen gezaagd en geplaatst moesten worden en dat op de horizontale gevels het gevecht tegen de zwaartekracht (hmmm, nu ik eraan denk, ken ik geen Griekse god(in) van de zwaartekracht…mocht iemand dit wel weten, weet dan dat ik altijd open sta voor dergelijke kennis) begon. Gelukkig stonden de hulptroepen hierbij zo nu en dan ook klaar om ons zowel bij het denkwerk als bij de fysieke inspanning te ondersteunen (voor diegene die geholpen hebben, jullie mogen zelf uitmaken of je respectievelijk meer een Hephaistos (smeedkunst/vakmanschapgod) bent geweest of juist eerder in lijn met Atlas’ (de titaan die er met brute kracht voor zorgde dat de hemel en de aarde gescheiden bleven) sterktes hebt geholpen, hihi, voor mij hadden alle hulptroepen zowel iets goddelijks als titaans in zich:)). De doorvoerbuizen zijn overigens voor de warmtepomp (of nitro/turbo) op de westgevel, al het elektra (of ’s werelds kleinste pijporgel) op de noordgevel en de afzuiging, watertoevoer en riolering (of een geraffineerd speakersysteem) op de oostgevel, en zijn allemaal ingestopt met wol, omdat wol nou eenmaal beter tegen potentieel ontstane condens kan dan houtvezelisolatie.
Nadat het huisje volledig was voorzien van een warm dekentje, restte tot slot enkel en alleen nog het aanbrengen van de waterdichte laag, die bij ons bestaat uit verschillende dampfolies (waardoor vocht niet naar binnen, maar wel naar buiten kan) van Pro Clima (Fronta WA, Quattro FB en Mento 3000), verticale regelwerklatten (om de folie vast te zetten en later de buitenafwerking (wat na heel veel contactmomenten eindelijk besteld is en over een paar weken zelfs in Nederland (i.p.v. in Duitsland) afgehaald kan worden) aan te monteren) en tot slot natuurlijk de langverwachte (week 39/40 werd uiteindelijk week 46) kozijnen en ventilatieroosters. De kozijnen waren uiteindelijk gelukkig net op tijd binnen voor ons om mijn huisje waterdicht (oké, de ventilatieroosters van Duco zijn pas net binnen, dus die kunnen we pas dit weekend gaan monteren) af te krijgen vóór de deadline van 27 november en het huisje voor de derde keer alweer te verhuizen naar de kavel (voor nu is Odysseus weer even herenigt met Penelope, maar voor hoelang dat duurt, wie zal het zeggen?). Hier was wel wederom het laten invliegen van een aantal hulptroepen (kozijnen zijn écht enorm zwaar en wat hadden wij zonder Bou de tape-dispenser kunnen beginnen?) voor nodig, evenals het dankbaar meedenken door de eigenaren van de schuur (die onze niet zo “verantwoorde” (ik snap het niet, Marc en Pat staan daar toch helemaal prima boven hun schouders dampfolie op het dak te snijden)) klimconstructies niet meer kon aanzien en besloten had een hogere rolsteiger voor ons op te bouwen (echt super bedankt ook daarvoor, want dat heeft ons enorm veel tijd en risico bespaard. Niet dat we op de hoge rolsteiger altijd even “verantwoord” werkte, haha(a)).
Al met al was het uiteindelijk toch weer een race tegen Kronos’ klok deze twee maanden, maar hebben wij, ondanks wat Lachesis (schikgodin van de levensgebeurtenissen) op ons pad toverde en het zo nu en dan verstrikt raken in de webben van Arachne (een weefster die Athene uitdaagde en in een spin werd veranderd), Ariadne’s (zie het verhaal over Theseus en de Minotaurus) draad voor de terugkeer naar een écht eigen (t)huis nog steeds stevig vast. Als ik iets heb geleerd (of eigenlijk beter gezegd: heb herontdekt) in de afgelopen maanden, dan is het wel om Friedrich Nietzsche’s Amor Fati (liefde voor het lot) met open armen te aanvaarden, zelfs als de schaar van Atropos (schikgodin de een eind brengt aan jouw levenspad) Ariadne’s draad zo nu en dan tracht door te knippen en zodoende het voltooien van onze huisjes in de weg dreigt te zitten (hmmm, misschien is dit iets te veel mythologie en filosofie in één alinea, haha).
Kortom het is wederom gelukt om het beoogde tussendoel te halen, jeej. Op dit moment wordt het dak van de schuur vervangen en zijn wij na het herstellen daarvan weer welkom om Pats huisje daar te zetten en vervolgens daarmee aan de slag te gaan. Oohwja, wel zijn wij er in het proces helaas achter gekomen dat we veel te veel, maar dan ook echt veel te veel binnen- en buitenisolatieplaten begroot hebben doorgekregen van de leverancier, dus mochten mensen bestemmingen weten hiervoor, geef het dan vooral door.
Voor nu rest mij nog enkel het volgende te zeggen: hhmmmm, misschien toch weer een redelijk lang verhaal, maar als je je bedenkt dat het deze keer over twee maanden ging, dan valt het best wel weer mee toch, haha. Lieloelieloe, dankjewel weer voor het (ongevraagd) zijn van een luisterend oor, mede door jullie bestaan en sterker nog door jullie reacties zo nu en dan schrijf ik deze updates met heel veel plezier. Als bonus dan ook deze laatste foto speciaal voor jullie (sorry voor de potentiële nightmare-fuel, haha). Alvast een fijne, donkere, maar warme (feest)maand toegewenst, hopelijk tot snel weer en liefs vanuit hier.




































